Exclusief

Redactie: Hayo Bootsma en Johann de Graaf. Foto’s: Frank Crebas/bluelifeaviation.com

Hoeveel verschil zit er tussen het vliegen in een F-16 en een F-35? Lichtjaren, dat is één ding wat zeker is. In deel 2 van de podcast met F-35 piloot Laurens Jan Vijge vertelt de vlieger over zijn ervaringen in de F-35, hoe hij zijn collega’s in de F-16 versteld liet staan tijdens een luchtoefening en schetst hij de enorme rol die het kleine Nederlandse team in Amerika speelt. En hij heeft een boodschap: die 37 toestellen die Nederland heeft besteld? Dat is veel te weinig. “De Luchtmacht heeft behoefte aan 85.”

“Uiteindelijk waren we beland op het punt dat we twee toestellen kochten voor de testfase én we hadden een aap die erin mag rondvliegen.” Die aap was Laurens Jan Vijge, die als F-16 vlieger met ogen als schoteltjes de wereld van de F-35 binnenstapte. “Ik was mega onder de indruk van het vermogen, hoe goed het ontworpen was en met een radar… het was iets wat ik nog nooit van mijn leven had gezien.”

Het wordt Vijge al snel duidelijk dat de Amerikanen de belofte waarmaken. Defensie heeft niet gekozen voor een marketingpraatje: dit vliegtuig kan écht wat de Amerikanen hebben voorgespiegeld. En in de loop van de jaren ontwikkelt het toestel zelfs nog verder door.

Lees het artikel verder onder de podcast.

De F-35 kijkt vele tientallen kilometers verder
Vijge ontwikkelt mee, test, vliegt en ziet dat het goed, zelfs beter is. “Je ziet in de cockpit zelf veel meer door alle sensoren die in het vliegtuig zitten, waarvan de radar nog wel het belangrijkste is”, zegt Vijge. “De afstand waarop je dingen ziet is veel groter. Een radar van de F-35 is veel gevoeliger dan bijvoorbeeld de F-16. Die pikt dingen veel sneller, verder en eerder op. Het mooie is dat wat je ziet, je ook kan delen met andere F-35 vliegers in je formatie. En ook met andere type vliegtuigen, zoals de F-16.”

F-16 piloten verbluft
En hier blijkt gelijk enorme verschil tussen de F-16 en F-35. Als Laurens Jan Vijge in zijn F-35 samen met Nederlandse F-16’s een luchtoorlog oefent, deelt hij zijn radarbeelden met die van de collega’s in de F-16.

“Het luchtgevecht liep wel aardig voor mijn gevoel, maar ik was wederom overdonderd toen ik na de vlucht terugkwam en vier hele grote grijnzen zag bij de Nederlandse F-16 vliegers. Die zeiden: “Wat gebeurde daar?! Dit heb heb ik nog nooit meegemaakt. Ver voordat onze radar iets kon zien, krijg ik op mijn scherm al te zien: daar zit één vijandelijk toestel en daar zit er ook ééntje. Die kwamen niet zomaar ergens vandaan, die kwamen van jouw vliegtuig.” Voor mij was het normaal dat je dat van vele tientallen kilometers afstand al ziet, maar voor de F-16 vlieger was dat ondenkbaar. En is dat nog steeds ondenkbaar.”

37 toestellen is te weinig
Inmiddels zijn de laatste toestellen van in totaal 37 F-35’s besteld door de Nederlandse Defensie. De eerste kisten worden in 2019 in Nederland verwacht. Maar wat kan je daar eigenlijk mee? Een paar kortdurende missies, hooguit een kleinschalige langdurige vredesmissie. “Eerlijk is eerlijk. Het aantal van 37 toestellen heeft niets te maken met wat de behoefte is van de Nederlandse Luchtmacht of wat de behoefte is van Defensie. Het aantal van 37 is puur een consequentie van dat er tijdens de besluitvorming gewoonweg geen geld meer was. De behoefte van de Luchtmacht is echter nog steeds 85 of 86 toestellen. Hoe realistisch dat is moet de toekomst uitwijzen. Maar ik mag toch hopen dat er zeker toestellen bijkomen.”

Volg NovemberLima ook via Twitter en Facebook.

Redactie: Hayo Bootsma en Johann de Graaf. Foto’s: Frank Crebas/bluelifeaviation.com

Volgend jaar komt de F-35 dan eindelijk naar zijn nieuwe thuisbasis in Nederland. Met nadruk op eindelijk, want de route naar Nederland is in alle opzichten turbulent gebleken. Degene die de nieuwe jager ongeschonden door alle turbulentie heen heeft weten te vliegen is Laurens Jan Vijge. F-35 piloot van het eerste uur. Dat net zo goed zijn laatste had kunnen zijn bij de Luchtmacht.

In twee uitgebreide exclusieve podcasts spreekt hij openhartig met NovemberLima, waarvan in het eerste deel: hoe verloopt zijn loopbaan in Nederland en later Amerika en hoe heeft hij de discussie over de F-35 in Nederland ervaren? Spoiler: die was zo heftig, openbaart Vijge, dat zelfs de Amerikaanse overheid er op een gegeven moment stellig van was overtuigd dat Nederland ermee wilde stoppen.

Lees verder door onder de podcast

Beluister de hele podcast. Interview: Hayo Bootsma

“Is er nog wel plek voor mij bij de Luchtmacht?”
Het is 2009. Vliegbasis Twente is inmiddels gesloten en er is een squadron F-16’s verdwenen. De kisten die nog vliegen worden wegens budgetproblemen met materieel in de lucht gehouden dat Vijge omschrijft als ‘niet het beste dat er op dat moment op de markt te krijgen is’. Zijn buitenlandse collega’s vliegen inmiddels in betere F-16’s. “Onze behoeftes werden elke keer aan de kant geschoven omdat er gewoon geen budget voor was”, verzucht Vijge. Het stelt de piloot die al zes missies heeft gevlogen dat jaar voor een keuze: “Is er nog wel plek voor mij bij de Luchtmacht?”

De commandant aan wie hij het voorlegt is zijn redding: hij mag aan de slag bij de ontwikkeling van de F-35 in Amerika. Eerst met bureaubaan en later weer achter de stuurknuppel, als eerste Nederlandse F-35 vlieger. Een cruciale functie voor de toekomst van de Nederlandse Luchtmacht.

“Klein prutslandje? Onze ideeën worden gewoon in het toestel verwerkt”
In Amerika gaat er een wereld voor Vijge open. Nederland is van de 8 partners één van de kleinste landen die meedoet in de ontwikkelingsfase in samenwerking met vliegtuigbouwer Lockheed Martin. “Dan denk je: lekker belangrijk, Nederland. Klein prutslandje, waar heb je het over?”

De ervaren Vijge geeft veel op- en aanmerkingen over het toestel die ook door buitenlandse vliegers worden gedeeld. “Als je dan vervolgens een jaar later in de F-35 simulator stapt, en Lockheed zegt “Dit zijn de laatste aanpassingen die we hebben gedaan” en je ziet dat je voorstel in het vliegtuig is gebouwd: nou, dan wordt je wel degelijk serieus genomen. “

Haags politieke debat overtuigde Washington bijna van einde Nederlandse deelname
Vijge heeft zich verbaasd over het politieke debat in Nederland over de F-35. Andere toestellen zouden goedkoper zijn, is een veelgehoord argument als Kamerleden over elkaar buitelen in de Tweede Kamer. Maar dat is totaal niet waar, zegt Vijge. Het kost juist meer als je bij Europese bouwers had gewinkeld, zo stelt hij. “Die presenteren een toestel wat de Franse of Zweedse vliegtuigbouwer voor jou heeft bedacht. En zeggen “oh, je wilt wat anders, dat kost zoveel” en dan moet je als land weer wat anders laten aanpassen in een toestel waarvan de fabrikant dat niet heeft voorzien. Dan moet je miljarden gaan betalen. Bij de F-35 kon je vanaf het begin af aan tijdens het bouwen verbeteringen doorvoeren.” Door dit proces – de Amerikanen noemen het concurrency – en mede door druk van president Trump kan Lockheed Martin de F-35 in de productiefase juist goedkoper leveren.

Het debat in Nederland over de F-35 als vervanger van de F-16 werd zo heftig gevoerd dat er zelfs in Amerika twijfels beginnen te ontstaan over de Nederlandse deelname. “Er werden zelfs vragen gesteld door Nederland in Washington: wat kost het ons als er wordt gestopt met het project, ook op het vlak van Economische Zaken?”

“Van mijn contacten begreep dat ik het Pentagon en de Amerikaanse overheid ervan overtuigd raakte dat de Nederlanders ermee gingen stoppen. Die stappen uit het project. De Nederlanders komen niet, de toestellen komen ook niet. Daar waren ze bijna zo zeker van dat er van alles werd stilgelegd: van acties die de opleiding moesten bevorderen tot zelfs de bouw van een hangar en parkeerplekken voor de eerste Nederlandse toestellen.”

Binnenkort volgt deel twee van de Podcast met Laurens Jan Vijge: dan meer over de ervaringen als vlieger van de F-35. “Het luchtgevecht verliep voor mijn gevoel wel aardig. Maar ik was overdonderd toen ik terugkwam en vier grote grijnzen zag van de F-16 vliegers, die vroegen: wat gebeurde daar…?”

Volg NovemberLima ook op Twitter en Facebook.

Volg NovemberLima ook via Facebook of Twitter

Door de aanhoudende droogte neemt het risico toe dat oude oorlogsmunitie tot ontploffing komt. Door natuurbranden en in sommige gevallen zelfs spontaan. Dat is al het geval in Duitsland, waar brandweerlieden bij bosbranden soms niet eens meer de bossen in mogen. En die risico’s gelden hier ook, waarschuwt oud-EOD’er Frank Barink. Munitie verschijnt in uitgedroogde uiterwaarden, mijnen worden instabiel door uitdrogende grond. “We hebben in Nederland nog steeds niet overal goed in kaart waar er precies oorlogsmunitie ligt”.

Begin juli woedt er een grote bosbrand in Gross Laasch, pal langs een snelweg in Duitsland. De toegesnelde Duitse brandweer wordt allerijl teruggefloten. Terwijl de brand om zich heen grijpt explodeert er oorlogsmunitie. Het is levensgevaarlijk voor de brandweerlieden om het vuur te doven, omdat het onduidelijk is waar er nog meer munitie ligt.

Het is geen uitzondering in Duitsland. Op meer plekken explodeert er tijdens natuurbranden oorlogstuig uit de Tweede Wereldoorlog en wordt de brandweer noodgedwongen op afstand gehouden.

Munitie verschijnt in drooggevallen uiterwaarden
Ook in Nederland zijn er veel plekken waar oude oorlogsmunitie zich onder het oppervlak bevindt. Soms maar twintig tot dertig centimeter diep. “Dat is vlak onder het bladerdek, als daar brand ontstaat kan de munitie tot ontbranding komen. Er zijn al gebieden waarvan de brandweer weet dat ze er niet in mogen gaan als er brand woedt”, zegt Frank Barink, eigenaar van adviesbureau BeoBOM.

De risico’s in Nederland zijn gelukkig iets minder groot dan in Duitsland, zegt Barink. “De grond is hier weker, waardoor munitie dieper zit. Maar door de droogte komen er nieuwe problemen aan het licht. Uiterwaarden, kreken en beken vallen droog. Ook daar ligt munitie en die liggen ineens voor het oprapen.”

Mijnen instabiel door drukverschil bodem
Wat nog gevaarlijker is, zegt Barink, zijn mogelijke mijnen die ondanks intensieve opruimacties nog her en der in Nederland kunnen liggen. “Er zijn 12.063 mijnenvelden in Nederland geweest met ruim een miljoen mijnen. De mijnen die er nog liggen kunnen ook zonder bosbrand tot ontploffing komen. Zeker in gebieden waar de kleigrond door de droogte scheurt en straks weer door de regen uitzet, kunnen mijnen door drukverschillen in de bodem spontaan ontploffen.”

Al decennialang ligt er in gebieden, zoals rond Apeldoorn, munitie waarvan gemeentes willen dat het wordt opgeruimd. De kosten zijn altijd een blokkade geweest om tot actie te komen. “Ja, het kost veel geld”, zegt Barink. “Maar ook weer niet teveel, om de gebieden helemaal vrij te krijgen. Zeker niet als we in de toekomst vaker te maken krijgen met dit soort droge en hete periodes.”

Hoe we goed zicht kunnen krijgen op waar er nog riskant oorlogstuig ligt? Barink: “Dat is ontzettend moeilijk en vergt veel onderzoek. Gelukkig zijn grote delen al in kaart gebracht door diverse gemeenten, ProRail en Rijkswaterstaat. Maar er zijn nog veel plekken waar niet in de historie is gekeken om te bepalen of een gebied verdacht is. We hebben in onze branche al eerder gesproken over een kenniscentrum op dit vlak. Dit lijkt me een goed moment om daar stappen in te zetten”.

Het is 2010 als er een spoedzitting wordt belegd door de geheime diensten in Israël. Niet omdat er een dreiging van buiten komt. Nee, dit komt uit Israël zelf. Journalist Ronen Bergman (New York Times) werkt op dat moment aan een indrukwekkende reeks van bijna duizend interviews met oud-inlichtingenmedewerkers, topmilitairen en politici. De uitkomsten bevallen de inlichtingendiensten allerminst: ze krijgen opdracht om de journalist te arresteren. “Ik heb grote angsten uitgestaan”, zegt Ronen Bergman in een interview met NovemberLima.

Hoogverraad en spionage. Dat concludeert één van de hoogste bazen van het Israëlische leger wanneer Ronen Bergman het ontluisterende verhaal ontrafelt waarbij een Israëlische straaljager in 1982 een passagiersvliegtuig op de korrel heeft waar volgens de inlichtingendiensten Arafat aan boord zit.

Op het allerlaatste moment blijkt dat het moet gaan om de jongere broer van Arafat. Een oplettende inlichtingenmedewerker breekt de missie op het allerlaatste moment af. Dit en nog veel meer voorbeelden over de harde manier van werken door Israëlische inlichtingendiensten staan beschreven in ‘Rise and Kill First’, van Ronen Bergman.

‘De Shin Bet kon elk moment voor mijn deur staan’
“Dit is het eerste boek dat de werkwijze van Israëlische inlichtingendiensten op gedetailleerde wijze blootlegt”, legt Bergman uit. En dat was geen makkelijk proces, verzucht hij. De militaire top vraagt Shin Bet, de Israëlische Veiligheidsdienst, om Bergman te arresteren. “Ik heb grote angsten uitgestaan”, zegt hij. “Je leeft onder de constante dreiging dat de Shin Bet elk moment voor je deur kan staan om je te arresteren.”

Toch lukt het hem om zijn boek te voltooien en het internationaal op de markt te brengen. Keert hij zich hiermee tegen zijn eigen inlichtingen- en veiligheidsdiensten? “Nee, allerminst.”

“Je kan Israël niet begrijpen zonder de inlichtingendiensten te kennen”
“Ik heb dit geschreven om drie redenen. De eerste is dat je de geschiedenis van Israël gewoonweg niet kan begrijpen zonder dat je kennis hebt van de inlichtingendiensten van het land. Het is compleet anders dan die in andere landen, het zit in het DNA van Israël. En er is nog zo weinig over gepubliceerd”, legt Bergman uit.

“De tweede reden is dat de inlichtingen- en veiligheidsdiensten enorme invloed hebben om het besluitvormingsproces in Israël. Die gemeenschap is hier enorm in Israël, zeker vergeleken met Westerse landen. Maar er is te weinig toezicht. En historici en journalisten moeten zorgen dat er beter toezicht is op de inlichtingengemeenschap”.

En de derde reden? “Het is zo ongelooflijk interessant”, lacht Bergman.

“Het boek moet nog in het Hebreeuws uitkomen en ik ben erg benieuwd naar de Israëlische reacties. Over het algemeen zijn die tot nu toe goed”, vertelt Bergman over het effect dat zijn boek heeft. “De meest kritische reacties in Israël komen uit de ultrarechtse hoek.”

‘Israëlische diensten nemen meer vrijheden dan ze hebben gekregen’
Kunnen Westerse inlichtingendiensten leren van die in Israël? “Dat is een lastige. Israël is vooral succesvol door het gebruik van andersoortige maatregelen tegen tegenstanders. Sommige zijn extreem en ook controversieel”, zegt Bergman.

“Eén van de conclusies in het boek is dat doelgerichte moorden effectief zijn gebleken en Israël hebben geholpen in het behalen van z’n doelen.” Maar dat gaat niet altijd volgens het boekje. “De diensten werken daarbij eigenlijk buiten hun gebied en ook de grenzen die daaraan zijn gesteld. Feitelijk nemen ze meer vrijheden dat ze hebben gekregen”, besluit Bergman.

Het boek ‘Rise and Kill First” is vertaald in het Nederlands onder de naam Schaduwoorlog en is onder meer te koop bij Bol.com.

Waar enkele landen nog nadenken over de aanschaf van de F-35 wordt het toestel elders op de wereld al actief ingezet. Israël maakte onlangs bekend de F-35, Adir, twee keer ingezet te hebben boven het slagveld. Voordat Nederland écht met een F-35 boven het slagveld vliegt zijn we nog wel een aantal jaren verder. Maar achter de schermen wordt er hard gewerkt aan de komst van de eerste F-35’s die op vliegbasis Leeuwarden gestationeerd worden.

De Amerikanen zijn onder de indruk. ”Het is ongelooflijk hoe een klein team zo’n prestatie weet neer te zetten. Met twee toestellen meedoen aan zo’n programma lijkt niet belangrijk maar Nederland doet fantastisch werk”, zegt Jack R Crisler, de vicepresident van het F-35 programma van Lockheed Martin in een exclusief interview met NovemberLima.

Door: Hayo Bootsma. Volg NovemberLima ook op Twitter en Facebook. Fotocredit hoofdfoto: Frank Crebas, Blueline Aviation

“NIFARP, het samenwerkingsverband van Nederlandse bedrijven, doet slim zaken. De bedrijven werken samen als een team en scoren zo veel opdrachten.”

Jack R. Crisler – Vice President F-35 Lockheed Martin over toegenomen interesse voor de F-35

Nieuwe Nederlandse toestellen komen eraan
Nederland werkt en test al jarenlang met twee testtoestellen, maar er zit uitbreiding aan te komen. De casco’s van twee nieuwe Nederlandse toestellen staan al op de lopende band in de fabriek van Lockheed Martin in Fort Worth, Texas. De AN-03 en de AN-04 zijn in januari klaar. Deze twee F-35’s blijven in de Verenigde Staten. Er volgen later nog vier. Ze krijgen een plek op Luke AFB in Arizona en worden daar bij het Pilot Training Centre, PTC, gebruikt voor de training van nieuwe piloten.

In het Italiaanse Cameri staan er ook een paar op de band. Dit zijn de toestellen die als eerste naar Nederland komen. Komend voorjaar moeten ze van de band afrollen. Ze worden ter plaatste klaargemaakt met de juiste software, 3F, en door eigen piloten overgevlogen naar Nederland. In de herfst van 2019 landen ze dan op vliegbasis Leeuwarden.

Ondertussen worden de teams gevormd die de trainingen moeten gaan verzorgen. In augustus vertrekken de eerste kwartiermakers naar Luke in Amerika. Ze moeten daar een compleet nieuw trainingsdetachement gaan vormen, het NODF, het Nederlandse Opleidings Detachement F-35. Dat detachement wordt op termijn onderdeel van het 308-ste Fighter Squadron van de 56-ste Fighter Wing op Luke AFB. De basis daar is hét kenniscentrum voor de F-35. Piloten uit Australië, Noorwegen en Nederland krijgen daar hun opleiding.

Vier maanden trainen

Foto: Hayo Bootsma

Voor Nederland staat F-16 vlieger majoor Van Woerden daar straks aan het roer. In augustus wordt hij commandant van het NODF op Luke AFB en krijgt hij de leiding over een ploeg officieren en vliegers. Zelf begint hij in januari met z’n opleiding tot F-35 vlieger: ”Je begint met een transitie opleiding, de zogenaamde TX. Die duurt vier maanden en daarin ga je uitgebreid in op de theorie van de F-35 en vlieg je veel in een simulator.”

Na de training achter het bureau gaan de piloten zelf vliegen met het toestel: ”Je maakt enkele tientallen vluchten. Je kwalificeert je dan voor het toestel zodat je er veilig mee kunt starten en landen. Daarna ga je door om opgeleid te worden in alle missies die de F-35 kan uitvoeren.” Lastig lijkt de overstap niet te zijn, aldus majoor Van Woerden:” In veel opzichten lijkt het toestel op de F-16. Beide zijn gemaakt door Lockheed Martin. Die stap is dus niet al te groot. De capaciteiten van de F-35 zijn alleen ongekend en daar moet op getraind worden.”

Tot in 2022 blijft Nederland piloten opleiden voor de F-16. Dat is noodzakelijk omdat Nederland tot zeker in 2025 door blijft vliegen met dat toestel. Vanaf 2020 wordt de eerste ‘spijkerbroek’ (nieuwe piloot) verwacht in de opleiding tot F-35 vlieger.

Van IT tot het afwerpen van bommen: alles wordt getest
Nederland draait al jaren mee in het testprogramma van de F-35 op Edwards AFB. In de woestijn in Californië wordt een intensief programma afgewerkt: Van IT tot het afwerpen van bommen en ontwikkelen van tactieken. Dat programma loopt tot in de zomer van 2019. Dan komt het grootste deel van het testdetachement terug. “De kennis die daar is opgedaan is hier in Nederland dan ook echt hard nodig. Dat is het moment dat de overgang van systemen echt begint te lopen,” zo zegt majoor Van Woerden.

Nederland is één van de negen partnerlanden in het F-35 programma. Dat voordeel zie je terug bij de training van nieuwe vliegers op Luke AFB. “Het is een programma waarin alles in één grote pool is gestopt. Dat betekent dat we in de vliegtuigen van alle partners mogen vliegen en ook met die piloten en techneuten trainen en opereren,” zegt Van Woerden. “Het mooie is dat het een interessant mix wordt van Amerikaanse, Australische, Noorse, Italiaanse, Turkse, Deense en Nederlandse hardware, vliegers en techneuten. We kunnen veel van elkaar leren.” Nederland plaatst eerst zeven tot acht F-35’s op Luke. Dat aantal wordt later, als er meer piloten opgeleid zijn, teruggeschroefd.

Onder de indruk van Nederland
De Amerikanen zijn onder de indruk van de Nederlandse inzet. Jack R Crisler, de vicepresident van het F-35 programma van Lockheed Martin, spreekt in een interview met Hayo Bootsma voor NovemberLima in superlatieven: ”Het is ongelooflijk hoe zo’n klein team van zo’n 30 man zo’n prestatie weet neer te zetten. Met twee toestellen meedoen aan zo’n programma lijkt niet belangrijk maar Nederland doet fantastisch werk.”

In april kwam Lockheed Martin met het nieuws dat het toestel is uitontwikkeld. De meeste problemen bij de drie varianten zijn opgelost. Begin dit jaar waren dat er nog 280 zo bleek uit een rapport van het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie. “In de meeste gevallen ging het om kleine zaken die al opgelost waren toen het rapport richting Pentagon ging,” zegt Crisler.

“Het toestel was ook nog niet uitontwikkeld. Het is dus ook logisch dat overal naar wordt gekeken en je op iedere slak zout legt. Het gaat gewoon goed met de F-35. Er vliegen nu ruim 300 rond. 20 zitten in een testprogramma en de rest staat verspreid op 15 verschillende bases over de hele wereld. En besef dat dit nog niet eens 10 procent is van het aantal dat we gaan bouwen. Alleen de VS wil er al 3100 hebben.”

Vliegende Fyra en zuurstofproblemen
Toch waren er de afgelopen jaren veel problemen met het toestel. Zo werd het in de Tweede Kamer wel de ‘vliegende Fyra’ genoemd naar aanleiding van de vele tegenslagen bij de ontwikkeling van het toestel. Er kwamen in het begin zoveel problemen voor dat de ontwikkeling veel langer duurde dan eerst de planning was.

“Dat is ook niet gek,” zo zegt Jack R. Crisler. “We ontwikkelen een toestel terwijl we ermee vliegen. Dat is ongekend. En besef dan dat er niet één is neergestort! Ja, we hebben een toestel verloren (Een F-35 waarvan de motor vlam vatte, red.) maar verder zijn er geen grote incidenten geweest.”
Helemaal koek en ei is het echter ook weer niet. Er is onlangs nog door piloten geklaagd over de zuurstofvoorziening. Een van hen had tijdens een vlucht moeite met ademhalen. De angst was dat de F-35 te maken zou hebben met een soortgelijk probleem als waarmee de F-22 Raptor te kampen had. Ook dat toestel is gemaakt door Lockheed Martin. Een F-22 stortte neer nadat de piloot zuurstofproblemen had gekregen. Er kwamen later meer meldingen van problemen met de zuurstofvoorziening in het toestel.

Crisler: ”We hebben onderzocht wat daar precies aan de hand is. Duidelijk is wel dat het niet hetzelfde probleem is als met de F-22. Waarschijnlijk heeft het te maken met de manier van taxiën. Piloten houden graag de canopy open. Dan komen er veel uitlaatgassen van andere toestellen de cockpit binnen. We denken dat daar het probleem zit.”

Nu het toestel vliegt en operationeel wordt ingezet beginnen ook andere landen interesse te krijgen in het toestel. België is bezig met de aanschaf van een vervanger voor de F-16 en de F-35 lijkt daar de meeste kans te maken. En ook buurland Duitsland heeft interesse. Daar wordt een opvolger gezocht voor de oude Panavia Tornado. Finland schaart zich in ditzelfde rijtje. Daar wordt gezocht naar een geschikte opvolger voor de F-18.

Artikel gaat verder na de foto

Nederlands testtoestel in de Verenigde Staten. Foto: Hayo Bootsma

Goed voor Nederlandse industrie
De toegenomen interesse is goed nieuws voor de Nederlandse industrie. Crisler schat dat Nederlandse bedrijven al rond de 1,3 miljard dollar hebben verdiend. “NIFARP, het samenwerkingsverband van Nederlandse bedrijven, doet slim zaken. De bedrijven werken samen als een team en scoren zo veel opdrachten. Bovendien werken ze zeer innovatief. Zo was er een probleem met de vanghaak van de F-35C. Fokker is er mee aan de slag gegaan en kwam al snel met een oplossing. Tot tevredenheid van iedereen. Bij het testen op het vliegdekschip George Washington leverde het door Fokker ontwikkelde systeem een 100 procent score op! Fantastisch!”

De productie van de F-35 varianten wordt de komende tijd fors opgeschroefd. De belangrijkste fabriek in Dallas-Fort Worth kan er dit jaar 91 leveren. Volgend jaar moeten dat er 130 zijn. De fabriek in Japan draait ook volop en ook in Cameri, Italië, wordt hard gewerkt. Daar bouwen ze er acht per jaar.
De fabriek in Cameri is onderdeel van Leonardo Company. Een van de bedrijven van dit industriële conglomeraat bouwde de Fyra. Een andere de NH90 helikopter. Daar werd in de Nederlandse pers met scepsis naar gekeken. Beide projecten kampten met grote problemen: De NH-90 had te maken met roestvorming en slijtage, de al gekochte Fyra-treintoestellen hebben nooit gereden.

Lockheed Martin heeft echter geen twijfel over de betrouwbaarheid van de fabriek in Italië. Ze voldoen aan de hoogste standaard. “Er lopen mensen van Lockheed Martin rond die alles in de gaten houden maar de Italianen zijn uiterst precies,” stelt Crisler. De toestellen worden als ze klaar zijn eerst naar de Verenigde Staten gevlogen. Daar worden ze getest en klaargemaakt. Omdat de verkoop aan lijkt te trekken en de productie nu langzaamaan wordt opgeschroefd verwacht Crisler ook dat de prijs snel omlaaggaat naar 80 miljoen dollar per stuk: ”Dat betaal je nu ook voor een volledige F-16. Een vierde generatie toestel.”

Landen gaan operationeel met de F-35
Het duurt nog wel even voor de Nederlandse toestellen operationeel zijn. Als ze in 2019 landen op vliegbasis Leeuwarden duurt het nog zeker tot eind 2021 voor ze écht ingezet kunnen worden. Andere landen zijn al wel zover: De Verenigde Staten, Japan, Italië en Israël. De eerste Amerikaanse toestellen, de F-35B’s, vliegen al in de buurt van Noord-Korea en China. De A-variant is al meerdere keren op bezoek geweest in Europa en heeft een uitzending achter de rug in Engeland.
Israël heeft er nu 12. Een van de toestellen moest eerder een voorzorgslanding maken vanwege schade. De geruchten gaan dat één van de toestellen ingezet is boven oorlogsgebied. De Israëlische luchtmacht houdt bij hoog en bij laag vol dat het een botsing was met een vogel.

Noorwegen heeft nu zes toestellen ontvangen. De Noorse luchtmacht verwacht volgend jaar operationeel te zijn. Groot-Brittannië heeft in totaal 4 toestellen op eigen bodem staan. Ze zijn gestationeerd op RAF Marham in Norfolk. Deze maand volgen er nog vijf en dan moeten de Britten eind dit jaar ook operationeel kunnen vliegen met de F-35.
In Australië landen eind dit jaar de eerste toestellen. Die moeten in 2020 operationeel zijn.

Turkije kreeg de eerste F-35 in juni. De vraag is of er nog meer geleverd gaan worden. Turkije wil graag het Russische luchtafweergeschut S-400 kopen. Doen ze dat dan krijgt het land te maken met sancties van de Verenigde Staten, zo waarschuwde een Amerikaanse official. Dat kan zelfs zover gaan dat levering van de F-35 aan Turkije verboden wordt. Het Turkse toestel gaat eerst naar Luke afb. in Arizona waar ermee getraind wordt. Pas volgend jaar worden de eerste toestellen afgeleverd in Turkije.
Denemarken verwacht dit jaar levering van de eerste toestellen. Dat moeten er in totaal 27 worden. De eerste F-35 voor Zuid-Korea is klaar. Volgend jaar worden de eerste toestellen daar afgeleverd.

Er is iets veranderd in Europa, zegt Israël Cohen. De internationale topexpert op het gebied van military-style Krav Maga merkt dat na de vele aanslagen in West-Europa de vraag naar het je kunnen verweren tegen gewapende aanvallen sterk is toegenomen. En Cohen is op dit vlak door en door ervaren. Als lid van de Israëlische speciale eenheden werkt hij met regelmaat aan en achter de frontlinies. NovemberLima spreekt hem exclusief over zijn ervaringen met het Israëlische zelfverdedigingssysteem Krav Maga. Hoe het zijn leven redde en wat de doorsnee Nederlander er van kan leren.

“Krav Maga heeft mijn leven gered. Al zo vaak, ik kan het niet eens meer tellen.” – Israël Cohen

Het is nacht en doodstil op de West-Bank. Behoedzaam sluipen een paar Israëlische militairen naar een woning. Binnen zit een terreurverdachte die het Israëlische leger wil meenemen voor ondervraging. En de militairen weten één ding: terreurverdachten geven zich niet zomaar over.

Israël Cohen is één van de mannen die bij de woning staat. De spanning loopt op. Het is niet zeker hoeveel mensen er in het huis zitten en hoe ze gaan reageren als ze de verdachte arresteren.

En dan stormen de speciale eenheden naar binnen. Het eerste wat Cohen opvalt is dat de aanwezige familie opvallend kalm blijft. Het blijkt, zo hoort hij achteraf, onderdeel van hun plan: ze wisten dat dit eraan zat te komen. Cohen staat in een ruimte vol broers, zoons en neven van de verdachte. En daar maakt hij een cruciale fout: hij verslapt even zijn aandacht. Gelijk voelt hij een harde tik in zijn rug.

Even denkt hij nog dat een collega hem op iets wil wijzen. Maar als hij zich omdraait staat hij oog in oog met een Palestijn die een mes uit zijn rug trekt en het ijzer opnieuw naar hem zwaait, nu richting zijn nek. Intuïtief gooit hij zijn arm omhoog om een tweede, fatale steekwond te voorkomen en schakelt de aanvaller uit. “Zonder Krav Maga waren die messteken in mijn nek terechtgekomen, daar is geen twijfel over”, zegt Israël Cohen. “Het heeft mijn leven gered. Al zo vaak, ik kan het niet eens meer tellen.”

“Krav Maga is meer dan techniek: het helpt gevaar herkennen”

Israël Cohen tijdens een lang seminar in Zwolle.

Israël Cohen vertelt zijn verhaal in Zwolle, waar hij net een intensief seminar heeft gegeven aan honderd leden van de Nederlandse tak van de IKMF. Cohen staat aan het hoofd van de Tactische Divisie van de internationale bond IKMF en is hier op uitnodiging van de Nederlandse tak.

Krav Maga is een uiterst efficiënt zelfverdedigingsysteem dat eigenlijk door iedereen kan worden beoefend. Het is erop gericht om je snel uit de voeten te kunnen maken en als dat niet lukt met slimme technieken de aanvaller snel de baas te zijn. “Krav Maga is veel meer dan alleen de techniek”, zegt Cohen. “Het geeft je het vermogen een bedreiging te herkennen voordat er iets gebeurt.”

Het zegt alles over het karakter van het systeem. Het is ontwikkeld in Israël en wordt regelmatig aangepast op basis van de ervaringen op straat. “Ik begon met het leren van Krav Maga toen ik 11 was, net als iedereen op die leeftijd. Het was toen een vast onderdeel op school. Dat kwam omdat er in die tijd veel aanvallen waren met messen, specifiek gericht op kinderen omdat ze een makkelijk doelwit zijn. Na school ben ik lessen blijven volgen, eigenlijk tot de dag van vandaag”, vertelt Cohen.

“In Europa willen ze nu weten hoe ze zich kunnen verweren tegen een wapen”

Israël Cohen bezoekt regelmatig Europa om instructeurs op te leiden en seminars te geven aan leden van de IKMF-bond. Het valt hem daarbij op dat er na de dodelijke aanslagen in West-Europa iets is verandert in de mindset van veel van de leden. “Ik train de leden leden onder meer in scenario’s met vuurwapens en messen. Toen ik dat hier jaren geleden deed merkte ik dat men er op zich wel interesse in had, maar na zo’n seminar kwamen ze dan wel naar mij toe met opmerkingen als: ‘leuk dat je dit met ons oefent hoor, maar dit is niet echt iets wat hier speelt.'”

Na de aanslagen met vuurwapens in Parijs of met messen in Londen is dat verandert. “Nu is er juist vraag voor deze scenario’s. Overal waar ik kom willen mensen weten wat ze in zo’n situatie kunnen doen tegen een daders met een wapen of een mes. Ik wil het niet gelijk angst noemen, maar je ziet dat mensen meer klaar en gefocust zijn omdat ze voelen dat de dreiging dichterbij is.”

‘Krav Maga een must voor politie, leger en veiligheidsberoepen’

Sinds afgelopen jaar traint de IKMF officieel het Israëlische leger. Het is eigenlijk ergens ook wel een trieste constatering dat Krav Maga zoveel meer wordt beoefend, zegt hij. Want meer geweld betekent meer behoefte aan middelen om jezelf te verdedigen. “Op alle niveaus is het geweld zwaarder geworden. Binnen de misdaad, op school en bij terroristen. Het escaleert steeds verder. En zolang dat blijft toenemen, groeit Krav Maga.”

“Eigenlijk is Krav Maga een MUST voor politiemensen, militairen en mensen binnen een veiligheidsberoep. Het hebben van een wapen om je te verdedigen is één, maar reageren in het grijze schemergebied waarin van alles kan gebeuren is veel lastiger”, zegt Cohen. “Er is een bekend ISIS-filmpje waarbij terroristen zich voordoen als toeristen en aan politieagenten vragen om op een kaart aan te wijzen waarheen ze moeten. Vervolgens steken ze erop los. Krav Maga is onder meer voor agenten echt een must.”

Meer informatie over Krav Maga? Bezoek de website van de Nederlandse bond.

Volg NovemberLima ook op Facebook of Twitter.

Foto: IKMF

De ontwikkeling van de F-35 kampt weer met forse vertraging. Dat blijkt uit een rapport van de Amerikaanse rekenkamer die de bouw van de JSF in Amerika op de voet volgt. Mogelijk wordt door een forse ontwikkelingsachterstand van de software het testen  van de JSF in realistische gevechtsomstandigheden met dertien maanden uitgesteld. De Amerikaanse rekenkamer vreest voor weer oplopende kosten. Continue reading…

Een slip of the tongue of een wishfull thought. Nederland koopt misschien meer F-35’s dan gepland. Dat suggereert de vice-president en manager van de Italiaanse JSF-assemblagefabriek in Cameri, waar de Nederlandse F-35’s in elkaar worden gezet. Nederland koopt minder Joint Strike Fighters dan gepland; 37 in plaats van 85.

Teruglopende orders
In een interview met DefenseNews.com reageert Debby Palmer van Lockheed Martin op teruglopende orders in Italië. Het land koopt mogelijk nog maar 90 van de geplande 131 toestellen. Ook Nederland plaatst een kleinere bestelling bij de Amerikanen: 37 in plaats van 85. De teruglopende orders heeft gevolgen voor het werk in de assemblagefabriek Cameri in Italië, waar Nederland zijn toestellen in elkaar laat zetten.

‘Meer toestellen, net als de F-16’
“Cameri zal niet de oorspronkelijk geplande productie krijgen”, zegt Palmer. Maar ze denkt dat de Nederlandse orders alsnog gaan stijgen. “Toen ze de F-16 kochten, deden ze dat in tranches en we denken dat ze dat weer gaan doen.”

Het is overigens nog maar de vraag of Nederland financieel in staat is om meer toestellen te kopen. Er is een vastgesteld budget gereserveerd voor de aankoop van de F-35. De stijgende stuksprijs van Lockheed Martin is vooral van invloed op de hoeveelheid bestelde toestellen geweest.

De Nederlandse Luchtmacht is geïnteresseerd in de Predator-Reaper drone. Dat blijkt uit een bezoek van een luchtmachtdelegatie op 21 mei dit jaar op Holloman Airforce Base in Amerika. Volgens de Public-Affairs Office werd de delegatie rondgeleid voor de MQ-9, Predator Reaper. De Predator-Reaper kan worden bewapend en wordt door Amerika veel ingezet in landen als Afghanistan en Jemen.

Nederlandse UAV’s
Nederland wil ook UAV’s kopen voor de luchtmacht. Het bezoek van de luchtmachtdelegatie op bovenstaande foto van de Amerikaanse Public Affairs maakt onderdeel uit van de zoektocht naar de best passende drone voor Nederland. Opvallend aan de MQ-9 is de mogelijkheid tot bewapening. Het toestel is wereldwijd omstreden, omdat bij aanvallen in landen als Afghanistan, Jemen en Pakistan ook burgerslachtoffers zouden vallen.

Vrijwel enige serieuze kandidaat
De Predator-Reaper is eigenlijk de enige kandidaat die aan de eisen van Nederland voldoet. Nederland wil in eerste instantie een drone voor verkenningen, maar wil deze als het moet ook kunnen bewapenen. Dat blijkt uit de behoeftestelling van Defensie: “Indien in de toekomst alsnog een behoefte aan een bewapende UAV zou worden geformuleerd, moet deze met het nu aan te schaffen onbewapende systeem eenvoudig kunnen worden vervuld.” De Predator-Reaper kan hieraan voldoen, andere systemen op dit niveau zijn er gewoonweg nog niet.

Fokker hoopt op Predator
De Nederlandse Defensie-industrie hoopt op de aanschaf van de Predator door Nederland. Zo hebben Fokker en fabrikant General Atomics de handen al inéén geslagen met een intentieverklaring: als Nederland koopt, krijgt Fokker opdrachten.

 

Zonder dat het Ministerie van Defensie of Lockheed Martin er ruchtbaarheid aan hebben gegeven blijkt het tweede Nederlandse F-35 testtoestel al te vliegen. Afgelopen week maakte de F-002 de maiden flight en werd door fotografen fraai vastgelegd. Volgens vliegtuigspotter airwingspotter.com uit Amerika maakte het tweede testtoestel van Nederland een vlucht van circa 15 minuten. Het toestel rolde afgelopen maart uit de fabriek van Lockheed Martin en werd in de tussentijd klaargestoomd voor de eerste vlucht. Zie hier de foto’s van de eerste vlucht.

Nederland zal zelf nog geen operationele testen uitvoeren in de testtoestellen. Dit voorjaar besloot het ministerie van Defensie de testtoestellen in Amerika te laten stallen omdat de operationele testfase mogelijk pas vanaf 2015 plaatsvind. In de tussentijd zullen Amerikaanse piloten de toestellen van tijd tot tijd zelf testen om de kisten luchtwaardig te houden.

Na het zomerreces maar voor de behandeling van de defensiebegroting komt het ministerie met de nota voor de toekomstvisie van de Krijgsmacht, waar het zeer waarschijnlijk de definitieve keuze voor de F-35 als vervanger van de F-16 bekend maakt.

Sign In

Reset Your Password

Email Newsletter